Je telefoon en je laptop
Je telefoon wordt gejat op de tram. Alles staat erop: je foto's, je chats, je mails, de app van de bank. En je hebt hem beveiligd met … vier cijfers. Toch komt de dief er niet in, ook niet als hij de chip uitsoldeert en de geheugenkaart in zijn eigen computer steekt. Dat klinkt te mooi. Dit hoofdstuk legt uit waarom het toch klopt, en precies wanneer het niet meer klopt.
Woorden die je zo nodig hebt
- Volledige schijfversleuteling
- Niet één bestand versleutelen maar de hele opslag. Wie de chip uitleest, ziet alleen ruis. Ook de namen van je bestanden.
- Beveiligingschip
- Een tweede, piepkleine computer in je toestel die maar één taak heeft: sleutels bewaren en pincodes controleren. Hij heeft zijn eigen geheugen en zijn eigen programma, en de gewone processor kan er niet in.
- Vertraging (throttling)
- Na een aantal foute pogingen wacht die chip, en bij elke volgende fout wacht hij langer. Je kan hem niet overslaan door het toestel opnieuw op te starten.
- BFU en AFU
- Before First Unlock en After First Unlock: is het toestel sinds het aanging al één keer ontgrendeld, of nog niet? Dat onderscheid bepaalt bijna alles op deze pagina.
Alles op de schijf staat als cijfertekst
De opslag van je toestel is van begin tot eind versleuteld met AES, dezelfde cijfer uit hoofdstuk 4. Dat is geen extra programma dat meedraait: er zit een stuk hardware tussen de opslagchip en het werkgeheugen dat elk blok ontsleutelt bij het lezen en versleutelt bij het schrijven. Je merkt er niets van, en dat is de bedoeling.
| Systeem | Hoe het heet | Staat het standaard aan? |
|---|---|---|
| Windows | BitLocker, en Apparaatversleuteling voor de automatische variant | Apparaatversleuteling gaat vanzelf aan op toestellen die eraan voldoen, meteen na het uitpakken, met XTS-AES-128. Sinds Windows 11 versie 24H2 voldoen veel meer toestellen. |
| macOS | FileVault | Een Mac met Apple-silicon of een T2-chip versleutelt zijn opslag altijd. FileVault zet je er zelf bij; dat koppelt de sleutel aan je aanmeldwachtwoord. |
| Linux | LUKS | Nee, je kiest het bij de installatie. Vrijwel elke installatie biedt het aan met één vinkje. |
| Android | bestandsgebaseerde versleuteling | Ja, en je kan het niet uitzetten. Toestellen die met Android 10 of hoger op de markt komen, moeten het gebruiken. |
| iOS | Data Protection | Ja, altijd. De opslag is versleuteld vanaf het moment dat je het toestel aanzet. |
Waar staat de sleutel dan?
Hier zit het echte inzicht. Een AES-sleutel is 256 bits: een getal uit 2256 mogelijkheden, een getal van 78 cijfers. Jouw code is vier cijfers. Die twee kunnen onmogelijk hetzelfde zijn.
Reken even mee. Vier cijfers van 0 tot 9 geven 10 × 10 × 10 × 10 mogelijkheden:
104 = 10 000
Tienduizend. Uitgedrukt in bits is dat log2(10 000) ≈ 13,3 bits — iets meer dan 213 = 8192, iets minder dan 214 = 16 384. Een computer gaat door tienduizend mogelijkheden in minder dan een seconde. Als je pincode de sleutel wás, was je toestel binnen een oogwenk open.
De pincode ís de sleutel dus niet. De echte sleutel is willekeurig en 256 bits lang, en hij ligt in een aparte chip die de pincode controleert en hem daarna pas vrijgeeft.
| Waar | Hoe de chip heet |
|---|---|
| iPhone, iPad, Mac | Secure Enclave |
| Windows-pc | TPM, Trusted Platform Module |
| Android | StrongBox, de beveiligde sleutelopslag. Op de Pixel-toestellen van Google is dat een aparte chip die Titan M2 heet. |
Die chip bewaart ook een uniek getal dat in de fabriek in het silicium is vastgelegd en dat er nooit uit komt. De sleutel van je opslag wordt uit dat getal én je pincode samen afgeleid. Gevolg: de opslagchip uitsolderen en in een andere computer steken levert niets op. Het uniek getal blijft achter in het toestel, en zonder dat getal is er geen sleutel, hoeveel pincodes je ook probeert.
Waarom vier cijfers hier wél volstaan
In hoofdstuk 3 was traagheid het wapen: een hashfunctie die met opzet honderdduizenden rondjes draait, zodat de aanvaller er per gok een fractie van een seconde over doet in plaats van een miljardste. Hier gebeurt hetzelfde, maar radicaler, en niet met rekenwerk maar met een klok.
De beveiligingschip telt de foute pogingen en weigert gewoon te antwoorden. Herstarten helpt niet — de teller staat in de chip, niet in het besturingssysteem, en de wachttijd begint na een herstart zelfs opnieuw te lopen. Dit zijn de echte schema's:
| Foute poging | iPhone / iPad | Android |
|---|---|---|
| 1–3 | geen wachttijd | geen wachttijd |
| 4 | 1 minuut | geen wachttijd |
| 5 | 5 minuten | 1 minuut |
| 6 | 15 minuten | 5 minuten |
| 7 | 1 uur | 15 minuten |
| 8 | 3 uur | 30 minuten |
| 9 | 8 uur | 90 minuten |
| 10 | toestel op slot, alleen nog te herstellen via een computer | 4 uur |
| 12 | — | 36 uur |
| 15 | — | 41 dagen |
| 19 | — | 9 jaar |
| 20 | — | geen enkele poging meer |
Tel na wat dat betekent. Er zijn tienduizend codes. Op een iPhone krijgt de dief er negen, en dan is het gedaan. Op Android krijgt hij er negentien, waarvan de laatste hem negen jaar kost. Negentien van de tienduizend: hij heeft één kans op ongeveer 526 als hij goed gokt, en 1234 of je geboortejaar zijn helaas geen goede gok.
Dát is waarom vier cijfers hier volstaan en op een website niet. Op een website kan de aanvaller de hele lijst kopiëren en thuis miljarden keren per seconde raden, en heeft de verdediger alleen traagheid per gok. Hier kan hij niet kopiëren: er is één exemplaar van de sleutel, het zit in één chip, en die chip telt mee. Traagheid is geen vertraging meer maar een muur.
Op de iPhone kan je bij de code-instellingen nog Wis gegevens aanzetten. Dan wist het toestel zichzelf na tien foute pogingen op rij. Weeg dat af tegen een klein broertje dat graag knopjes indrukt.
Aan of uit maakt een groot verschil
Een toestel dat volledig uitstaat, heeft de sleutel nergens. Die moet nog uit je pincode en het chipgetal berekend worden, en tot dat gebeurt is alles op de opslag ruis. Dat is de toestand voor de eerste ontgrendeling: BFU.
Maar zodra je na het aanzetten één keer je code hebt ingetikt, staat de sleutel in het werkgeheugen, en hij blijft daar staan — ook als je het scherm weer vergrendelt. Dat moet wel: je telefoon moet nog wekkers laten afgaan, berichten binnenhalen en oproepen aannemen met een vergrendeld scherm. Dat is AFU, na de eerste ontgrendeling, en het is de toestand waar je toestel bijna altijd in zit.
Apple maakt dat expliciet met beschermingsklassen. De strengste gooit de sleutel weg zodra je het scherm vergrendelt. De standaardklasse voor gegevens van apps van derden heet Protected Until First User Authentication en doet dat niet: die sleutel blijft in het geheugen tot je het toestel uitschakelt.
Praktisch: een gestolen telefoon die uitstond is een steen. Een gestolen telefoon die aanstond en die dag al ontgrendeld was, is een kluis waarvan de sleutel binnenin op tafel ligt — nog altijd moeilijk, maar dit is precies het verschil waar forensische bedrijven hun geld mee verdienen. Vandaar het advies dat je soms hoort en dat geen bijgeloof is: zet je toestel helemáál uit als je het echt uit handen geeft, of als je vreest dat je het kwijtraakt. Herstarten is genoeg — na een herstart is het weer BFU.
Waar het niet tegen beschermt
Schijfversleuteling beschermt tegen één ding: iemand die je toestel in handen krijgt terwijl het op slot zit. Meer niet. Staat je laptop open en ingelogd, dan is alles gewoon leesbaar — voor jou, voor de vriend die er even achter kruipt, en voor een programma dat je per ongeluk installeerde. De sleutel is op dat moment in gebruik, dus alles wordt netjes voor iedereen ontsleuteld. Hetzelfde geldt voor iemand die over je schouder meekijkt, voor een schermafdruk, en voor een bestand dat je zelf naar een cloud stuurt: dat vertrekt ontsleuteld en valt onder de versleuteling van die cloud, niet die van je schijf. De sleutel die je uit hoofdstuk 8.1 printte, is op een ontgrendelde laptop even goed te lezen als op papier.
Dit is wiskunde: entropie, of hoeveel een geheim waard is
Hoe meet je hoe geheim iets is? Niet in cijfers of letters, maar in bits: het aantal keren dat je de mogelijkheden moet halveren om er één over te houden. Een muntworp is 1 bit. Een dobbelsteen is log2(6) ≈ 2,58 bits. Jouw pincode is log2(10 000) ≈ 13,3 bits. Een AES-sleutel is er 256.
Dat getal is het eerlijkste oordeel over een geheim, want het hangt niet af van hoe lang het eruitziet. Een code van zes cijfers klinkt anderhalf keer zo sterk als één van vier, maar is log2(1 000 000) ≈ 19,9 bits: zes en een halve bit erbij, dus honderd keer moeilijker. De chip in je telefoon doet er zelf niets bij — hij levert geen extra bits, hij beperkt het aantal keren dat je mag raden. Dat is een andere verdediging, en daarom werkt ze alleen zolang de chip meedoet.
Bits tellen als maat voor onzekerheid komt van Claude Shannon, die het in 1948 opschreef in A Mathematical Theory of Communication. Dat vak heet informatietheorie, en het gaat evengoed over hoe je een foto comprimeert of hoe een radiosignaal door de ruis komt. Encryptie is er maar één hoek van.